Het instrument
In september 1971 monteerde Eysbouts een elektromagnetisch spelgedeelte op de 25 zwaarste klokken, met elektromagnetische speelhamers aan de buitenzijde van de klokken. Op de zolder van de kerk werd bandspeelapparatuur met schakelklok en slagwerkservo geplaatst. Na 23 jaar werd deze apparatuur vervangen wegens veel mankementen.
Medio 1994 installeerde Petit & Fritsen een computergestuurd Carillon-station (model OS 373/250) op de gewelvenzolder. Dit systeem bevat een universele microcomputer met randapparatuur en een elektronische quarts gestuurde moederklok, die per 5 minuten geprogrammeerd kan worden en gebruik maakt van een weekprogramma.
De gangreserve bedraagt circa 1000 uur. Via het Midi-interface kunnen uitgebreide programma's worden ingeladen, zoals Sint-Nicolaasliedjes in de advent of Kerstliederen in de Kersttijd.
De automaat speelt alles wat "van het volk" is. De psalmen en gezangen op het hele uur zijn gebleven. Het nieuwe Carillon-station speelt melodieën in een bewerking die zo klinkt alsof ze op een trommel zijn gezet — zonder ritenuto's en fraseringen. Zo klinkt de automaat van Harderwijk: een veredelde rammel.